Waarom een stagiair nemen?

Stagiairs: de voor- en nadelen worden hieronder beschreven.

Stagiairs, waarom zou je?

Opnemen van stagiairs en lio’s heeft natuurlijk wat nadelen. Het verstoort de rust in de afdeling: er komt voor beperkte tijd iemand bij. Deze moet geÔntroduceerd worden. Hij moet begeleid worden en hij is onervaren in het lesgeven. Mogelijk daalt de kwaliteit van de lessen even (vooral bij lio’s) en vooral: het duurt even voor de student weet hoe de regels en afspraken zijn in de afdeling. Teveel stagiairs in combinatie met nieuwe docenten kunnen de afdeling instabiel maken.

Daar staan vele voordelen tegenover. Met stagiairs steekt er een frisse wind op in de afdeling. Ze komen met nieuwe ideeŽn, nieuwe werkvormen en nieuwe energie. Leerlingen waarderen de afwisseling en een jong gezicht voor de klas. Lio’s zullen na enige tijd – zodra de orde op orde is – kunnen worden beschouwd als een maatje met wie de spd vernieuwingen kan uitproberen. Lio’s kunnen ingezet worden bij ontwikkelwerk. Lio’s krijgen bijvoorbeeld de opdracht een activerende lessenserie en enkele ict-lessen te ontwerpen, te geven en de resultaten aan de sectie te presenteren. Studenten (vooral eerstejaars – klassenassistenten!) kunnen worden ingezet voor voorkomende werkzaamheden in de afdeling zoals proefwerksurveillance, studielessen, excursies, groepswerk.†
Op meso-niveau spelen argumenten een rol als: docenten denken weer eens na over hun eigen lessen, routines worden kritisch bekeken, (“ik leer veel van de observaties van de stagiairs”).
Studenten en vooral lio’s kunnen participeren in het innovatieve beleid van de afdeling, ze draaien mee in studiedagen en zijn flexibel bij het experimenteren met vernieuwingen. En bij vacatures kun je makkelijk terugvallen op studenten die de school al kennen.

Docenten die studenten begeleiden worden opgeleid in begeleidingsvaardigheden (waaronder gebruik van video-interactie). Indien de school samenwerkingsschool wil worden/blijven, dat biedt interessante doorgroeimogelijkheden voor personeel door zich te ontwikkelen tot opleider in school.

Een bijzonder voordeel is dat studenten een praktijkonderzoek moeten verrichten. Daar staat een periode van ongeveer 10 weken voor. Je kunt ze proberen te interesseren voor onderzoek waaraan de afdeling niet aan toe komt. Een lessenserie spreekvaardigheid bij Engels, een evaluatie van enkele toetsen, een onderzoek naar het resultaat van lessen activerende didactiek, een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van een geÔntegreerd vakgebied in de onderbouw, een onderzoek naar
de aansluitingproblematiek bo-vo. Studenten kiezen uiteindelijk zelf, maar de afdeling kan voorstellen doen. De lintstage voor lio’s die de school biedt, maakt het zelfs noodzakelijk dat het onderzoek tijdens de lio-periode en het liefst op school plaats vindt.

Als je stagiairs plaatst in de afdeling

Een stagiair komt primair om te leren, hij is nog geen ervaren kracht. Hij moet o.a. via de stages zijn competenties vergroten. De school investeert in de begeleiding van de stagiair; het is daarom begrijpelijk dat de school van de stagiair iets terug verwacht. Maar de eisen die de organisatie stelt, dienen wel afgestemd te zijn op het ontwikkelingsniveau van de student.
Een student die zich komt oriŽnteren op het leraarsvak moet niet een wekelijks invaluur krijgen.†

In grote lijnen zijn er drie typen stages te onderscheiden:
•† oriŽntatiestages: hoofddoel: oriŽnteren op het leraarsvak
•† begeleide stages: veel meelopen; vak/clustergebonden
•† lio-stages: zelfstandig functioneren in eigen vak, zo mogelijk betaald