Minor Rekenexpert

Hieronder vind je een schematische weergave van de minor rekenexpert - wiskunde.

De stagiairs zijn studenten van de Pabo en het ILS.

Documenten

aanvraagformulier niet meer beschikbaar
stagekaart (handleiding) binnenkort beschikbaar
beoordelingsformulieren wpb (spd) binnenkort beschikbaar

Minor rekenexpert - wiskunde 2017 - 2018

Lengte 16 weken
Periode in de periode 3 + 4 van 05-02-2018 t/m begin juni 2018
Aantal dagen pw 3 dagdelen pw
Welke dagen maandag, dinsdag, woensdag, en vrijdag (in overleg)
Stagetype begeleid
Hoofddoel Expertise opbouwen (incl. onderzoek) op het gebied van rekenen in het voortgezet onderwijs.
Aantal studenten 2 (soms 1)
Schoolbegeleider/wpb docent wiskunde/rekencoördinator
Begeleidingstijd 20 uur per student
Instituutsbegeleider Instituutsdocent (minorbegeleider)
Contactmomenten één keer aan het begin van de stage
Beoordeling door wpb + minorbegeleider

Toelichting

De bedoeling van die minor is om studenten van de pabo en van de lerarenopleiding wiskunde zich te laten specialiseren op het rekengebied. Dat kan via twee trajecten: po-vo, of vmbo-mbo. Bij po-vo gaat het om rekenonderwijs aan leerlingen in de bovenbouw van de basisschool en de onderbouw van het voortgezet onderwijs, over de grenzen van beide schooltypen heen. Bij vmbo-mbo gaat het om de doorlopende leerlijnen van vmbo naar mbo, waarbij een zwaar accent ligt op mbo.
Een belangrijke stimulans was het rapport van de commissie Meijerink ("Over de drempels met rekenen"). Elwier (Expertisecentrum Lerarenopleiding Wiskunde en Rekenen) nam enkele jaren geleden het initiatief tot de ontwikkeling van deze landelijke minor. Deze minor is in 2011 aan het ILS van start gegaan, destijds onder de naam Rekenen-wiskunde10-14. Coördinator is Frank van Merwijk; hij geeft samen met Helga Kolen (eveneens wiskundeopleider van ILS) de lessen en zij doen ook de begeleiding van de studenten.
 

Inhoud:
De minor kent drie onderdelen:
1. vakdidactiek
2. oefenen en onderhouden
3. stage, onderzoek en rekenbeleid

Stage:
Bij de minor staat de stage eveneens in het teken van doorlopende leerlijnen. Al naargelang de gekozen richting lopen de studenten 2 dagdelen in het basisonderwijs of het vmbo en 3 dagdelen in vo of mbo. Het zou mooi zijn als deze studenten de basisschool- c.q. de vmbo-stage kunnen uitvoeren op een school, die leerlingen aflevert op de vo- of mbo-school waar ze staan. Het is de bedoeling dat deze stage zowel voor de studenten als voor de school opbrengsten geeft.
De studenten lopen in tweetallen stage.


Het is de bedoeling, dat zij rekenlessen aan groepen geven, rekenhulp aan zwakke rekenaars, dat zij programma's (meehelpen) ontwikkelen, dat zij meedenken over en bijdragen aan (nieuw te vormen) rekenbeleid van de stagescholen en tenslotte: dat zij onderzoek doen naar aspecten van rekenbeleid (bijvoorbeeld: opbrengsten van verbetertrajecten, effectiviteit van een hulpprogramma, in literatuur over landelijk rekenbeleid en over beleid op andere scholen). Zij hoeven niet alles en evenmin alles in gelijke mate te doen (onderzoek moet er wel deel van uitmaken), het duo doet zelf, in overleg met stagescholen en de opleiding, voorstellen voor de invulling van het stageprogramma. Het zal duidelijk zijn dat de studenten niet gekoppeld worden aan een stageklas en dat zij in principe niet met één klas of enkele klassen in het programma meedraaien. Hun activiteiten worden van af de eerste stagedag in overleg vastgesteld.


De studenten maken voor beide scholen een stageplan. De basis daarvoor wordt zijn hun eigen leervragen, de vragen en mogelijkheden van de stagescholen, bovengenoemde suggesties en de eis om verdeeld over beide stages minstens 60 rekenactiviteiten (lessen aan klassen, begeleiding aan groepjes en individuen) te doen. Zij overleggen voor hun plannen met de stagebegeleiders. De evaluatie van de stage geschiedt op de opleiding bij het eindgesprek over het portfolio dat door de studenten wordt aangelegd. Hierin zijn hun lesvoorbereidingen, verslagen en reflecties uit de stages opgenomen. Ook hebben zij daarin een eindreflectie over beide stages gezet. Het functioneren in de stage zal bij stagebezoek van de opleidingsdocenten aan de orde komen. Eind mei wordt aan de stagebegeleiders via de mail een impressie over het functioneren in de stage gevraagd. Die impressie is een van de leidraden in het eindgesprek.


Meer informatie:
Over de minor: frankvanmerwijk@han.nl of 06 - 55218858
Over de stage: bureau-extern@han.nl of 024 -353 0200