Jongeren in andere OESO-landen kiezen vaker voor techniek

5 oktober 2017

†Jongeren in het buitenland kiezen in vergelijk met Nederlandse scholieren veel vaker voor een technische of exacte opleiding. Dit blijkt uit het onlangs verschenen OESO-rapport Education at a Glance 2017.

†Techniektalent.nu

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) buigt zich jaarlijks over het onderwijs van de 35 aangesloten landen. Education at a Glance heeft een aantal vaste onderwerpen, zoals de deelname aan onderwijs, opleidingsniveau van de bevolking, uitgaven aan onderwijs, salarissen van leraren, aansluiting op de arbeidsmarkt en internationale mobiliteit. Ieder jaar is er ook een aantal nieuwe onderwerpen. Dit jaar is er bijvoorbeeld ook aandacht voor de ‘Sustainable Development Goals’ (SDGs).

Duitsland koploper

Op basis van het gebruikte onderzoeksmateriaal -dat dateert uit 2015- concludeert de OESO dat in Nederland 18% van de studenten kiest voor een opleiding in de exacte wetenschappen, techniek of ict. Uit de vergelijking rondom studiekeuze blijkt dat het aandeel Nederlandse studenten in bŤta en techniek hiermee een plaats onderaan de lijst inneemt. Alleen in Turkije wordt nog net iets minder vaak voor deze studierichtingen gekozen.

In 9 van de 35 OESO-landen kiest meer dan 30% van de nieuwe studenten voor bŤta en techniek. Koploper is Duitsland met bijna 40%, gevolgd door landen als Estland, Finland, Rusland, Mexico, Zuid-Korea en IsraŽl.

Een Kamerbrief van de Minister en Staatssecretaris van OC&W en het volledige rapport Education at a Glance 2017 zijn te downloaden via deze pagina op Rijksoverheid.nl.

Inhaalslag

In de laatste jaren lijkt het er wel op dat in Nederland een gedeeltelijke inhaalslag aan het maken is. Uit recente aanmeldcijfers van het hoger onderwijs blijkt dat vooral leerlingen uit het vwo de laatste jaren vaker voor bŤta en techniekopleidingen kiezen, vooral in het wetenschappelijk onderwijs.

Het aantal havoleerlingen dat voor een technische hbo-opleiding kiest, houdt in deze ontwikkeling geen gelijke tred. Weliswaar kruipt het aantal havoleerlingen dat voor techniek kiest nu richting 25%, maar om de 40% te bereiken die nodig is om in de behoefte aan hbo-technici te voorzien, is nog veel extra inspanning nodig.

Wat doen SEECE en HAN Techniek voor vo-leerlingen (en -leraren)?

Op locatie:

  • HAN Tech Tour een truck vol technische snufjes toert op afspraak langs vo-scholen in Gelderland, Oostelijk Noord-Brabant en Noord-Limburg
  • Excursies naar hightechbedrijven voor leerlingen die al belangstelling voor techniek hebben laten zien (organisatie in samenwerking met hun vakdocent)

Bij de HAN in huis:

  • Technology 2.0 voor leerlingen uit 4-havo
  • Girlsday voor meiden uit het 1 e en 2 e leerjaar
  • Hulp door HAN-docenten bij NT- en NG-profielwerkstukken
  • Expertondersteuning bij de Meesterproef (Technasia)
  • Profielwerkstukwedstrijd voor havisten.

Meer over deze activiteiten.

Lees ook: 'Natuurkundedocenten dichten kloof tussen scholieren en techniekonderwijs'

Bron: HAN Centre of Expertise - SEECE