Toolbar
header foto

Techniekstudenten werpen een brede blik op de energietransitie

Technici moeten niet alleen oog hebben voor techniek, maar ook voor andere elementen in de energietransitie. Docent-onderzoeker Luca Gennari rust studenten daarom uit met een holistisch perspectief. “Studenten moeten met een open blik naar andere domeinen kijken.”

De HAN is sinds september een studie rijker: Embedded Systems Engineering. Tijdens deze opleiding leren studenten hoe ze hard- en software integreren in systemen en apparaten. Bijvoorbeeld om apparaten energiezuiniger te maken, of slimmer. Voorheen was deze tak van sport een keuzerichting in de opleiding Elektrotechniek, nu kunnen studenten er vanaf dag 1 mee aan de slag. In voltijd (Nederlandstalig of Engelstalig) en in deeltijd.

De rol van de gebruiker
Embedded Systems Engineering is een technische studie, maar dat betekent niet dat studenten zich alleen met technologie bezighouden. Ze werken aan maatschappelijke vraagstukken, zoals de transitie naar een duurzame energievoorziening. En dat vraagstuk is niet op te lossen door louter naar hard- en software te kijken. Het gedrag van gebruikers speelt ook een belangrijke rol.

Een iconisch voorbeeld is de introductie van ledverlichting, vertelt docent-onderzoeker Luca Gennari. “Er waren grote verwachtingen dat die veel energie zou besparen. Maar als je kijkt naar de energieconsumptie voor verlichting, dan zie je dat die omhoog is gegaan na introductie van led.” Het is een zuinige manier van verlichten, dus wat maakt het uit als die lampen ’s nachts aanstaan om een bedrijfspand te verlichten?

Een holistisch perspectief
Genarri wil studenten een ‘holistisch perspectief’ meegeven; hij stimuleert ze om buiten de kaders van hun eigen vakgebied te denken. Dat geldt bijvoorbeeld voor een groep die zich bezighoudt met de verduurzaming van het Arnhemse Spijkerkwartier. De studenten werken samen met DAZO 125, dat zich hard maakt voor een circulaire en inclusieve wijkeconomie. ze onderzoeken manieren om energieconsumptiedata in woningen te monitoren en te presenteren aan de bewoners.

“Met het gebruik van nieuwe technologie, bijvoorbeeld kunstmatige intelligentie, kun je apparaten onderscheiden met een elektrische handtekening. En dan weet je: dit energiegebruik hoort bij koken, dit bij de koelkast, et cetera.” Als je weet hoeveel energie je per apparaat gebruikt, dan kun je die informatie teruggeven aan de gebruiker. Maar hoe doe je dat op een manier die duurzaam gedrag stimuleert? Speel je in op geldbesparing, maatschappelijk belang? En hebben verschillende mensen verschillende prikkels nodig?

Data vertalen voor de gebruiker
Ook bedrijven die energietechnologie ontwikkelen en verkopen richten zich steeds vaker op het gedrag van de gebruiker, vertelt Gennari. Een andere groep studenten werkt samen met Factory Zero, een bedrijf dat een energiemodule ontwikkelt. De engineering-studenten ontwikkelen een interface die gepersonaliseerde feedback geeft aan de gebruikers. Deze feedback is gebaseerd op gedrag en geeft informatie waarmee bewoners het energiegebruik en het binnenklimaat kunnen verbeteren.

In dit soort projecten is samenwerking tussen verschillende disciplines erg belangrijk. “Als ik techniekstudenten vraag om de energieconsumptie te plotten, dan gebruiken ze waarschijnlijk Matlab en krijg ik een pagina vol cijfers en plotlijnen. Dat is iets wat een gemiddeld persoon niet begrijpt. Daarom werken ze samen met studenten van de opleiding Industrieel Product Ontwerpen. Die kunnen informatie vertalen en begrijpelijk maken voor de gebruiker.”

Grootschalige woningrenovatie
De studenten die een energiemodule ontwikkelen, dragen bij aan het project Future Factory. Het Future Factory-consortium wil een fabriek (of fabrieken) realiseren om de productie van renovatieonderdelen voor woningen op te schalen. Daarnaast stroomlijnt het project werkzaamheden die in de keten worden uitgevoerd – van productie tot installatie. Het doel: veel woningen in korte tijd renoveren, zodat de klimaatdoelen gehaald kunnen worden.

Dankzij projecten zoals Future Factory worden steeds meer gebouwen uitgerust met ‘slimme’ technologie. Nieuwe warmtepompen – en andere installaties – genereren data, zodat bedrijven de werking ervan kunnen monitoren. De uitdaging anno 2021 is niet meer het verzamelen van data, vertelt Gennari, maar het verwerken ervan. “Data worden overal verzameld. Maar hoe gaan we van data verzamelen naar data-synthese? Hoe halen we de kern eruit, de meest belangrijke informatie, en hoe geven die we terug aan de gebruiker zodat die er iets mee kan?”